Ik krijg steeds meer een afkeer van het politieke innercirkeltje aan mensen die met name de grachtengordel beschouwen als het universum, als de plaats waar alles gebeurt. Hier in Amsterdam Zuidoost, een stadsdeel met bijna 90.000 inwoners, voel ik mij buitenstaander wat zowel confronterend als rustgevend is. Confronterend omdat ik weet dat ik er nooit tussen zal komen, tussen de grachtengordelkliek die Amsterdam en de rest van Nederland wilt besturen. Rustgevend omdat het mij als academicus de gelegenheid biedt vanaf de zijlijn het spel gade te slaan.
Toch zal ik aan de bak moeten wil ik het gesjoemel met het algemene belang meer serieus aan de kaak stellen.
Dus begeef ik mij af en toe in de politiek arena, alwaar ambtenaren ’s-avonds nog eens door gaan met hun politiek spelletjes. Waar zij overdag nog weleens in het stof moeten bijten bij het managementteam gaan de ambtenaren (die ook bij gesubsidieerde instellingen werken, of als leraar, of als rechter) ’s-avonds graag het spel aan om in dicussies het laatste woord te hebben en op die manier zich en positie te verschaffen die zij als ambtenaar in het dagelijks leven niet kunnen bereiken.
En waar gaat de discussie over? Over politieke thema’s waarop je je moet profileren om er bij te horen. Dat doe je door de ander te onderrichten. Maar die ander wil jou ook onderrichten. Dat is het spel, want wie boven ligt krijgt een hogere plek op de kandidatenlijst.
Mensen die hier niet van houden, 99,99% van de mensheid gelukkig, gaan nooit naar politieke cafés en zullen dus ook nooit de politiek en het politieke spel daar om hen veranderen. Dus blijven er mensen op de politiek afkomen die alleen door zich te conformeren zich binnen kunnen wurmen in het politieke machtcentrum.
De meeste mensen haken dus snel af, omdat ze wel leukere dingen weten te bedenken dan zich voortdurend en overal op mijn borst te slaan met hun politieke alwetendheid en correctheid.
De kloof tussen de politiek en de burgers? Die groeit en groeit.
D66? Ooit een hervormingspartij, inmiddels een partij die volstroomt met baantjesjagers. D66 gaat bij de gemeenteraadsverkiezingen voor de macht. Discussies over politieke hervormingen zijn tegenwoordig uit den boze werd mij verteld. Goed dan, D66 was een partij die democratische hervormingen wilde. Hervormingen die broodnodig zijn om de heersende politiek cultuur te doorbreken. Een districtenstelsel zou hierbij heel goed kunnen helpen.
Op lokaal niveau kom je nog normale discussies tegen. Het onderscheid tussen de partijen is daar ook het geringst. Daar vind vierjaarlijks een coalitie plaats tussen mensen die in de gemeenteraad zitten om de boel daadwerkelijke te veranderen, een kleine minderheid, en de grote meerderheid die daar zit ter vulling van al die zetels voor mensen die nog geeneens bekwaam genoeg zijn hun eigen huidhouden te regelen, laat staan die van de gemeente.
In maart 2010 heeft D66 weer een groot aantal nieuwe mensen in de gemeenteraad en in de stadsdeelraden. Maar eigenlijk verandert er niets zolang de politiek niet verandert. En D66 zal de politiek niet meer veranderen. D66 gaat, net zoals het CDA en de PvdA en de VVD, voor de macht. De kandidatenlijst? De leden van de politiek partijen mogen beslissen. In Zuidoost heeft D66 15 leden. Net zoveel leden als er zetels gehaald zullen worden door D66, uitgaande van de peilingen. Op kwaliteit selecteren is dan moelijk, terwijl er zoveel burgers zijn die bekwamer zijn dan die 15 leden. Maar het systeem veranderen? Dat zal D66 niet meer meemaken.